Wiskunde met Aaf
Uitlegvideo'sInloggenRegistreren
PrivacyverklaringOok primitiveren en integreren oefenen? → integraaloefenen.nl
PrivacyverklaringOok primitiveren en integreren oefenen? → integraaloefenen.nl

Theorie

Machtsregel oefenen

Je gebruikt de machtsregel bij een macht van x. De macht komt naar voren en wordt daarna één lager.

fff is de functie die je differentieert. aaa is het getal voor de xxx, nnn is de macht.

f(x)=axn\displaystyle f(x) = ax^nf(x)=axnf′(x)=n⋅a xn−1\displaystyle f'(x) = n \cdot a \, x^{n-1}f′(x)=n⋅axn−1

Stappenplan

  1. 0Kijk of de functie één macht van xxx is, eventueel met een getal ervoor. Dan is het de machtsregel. Een los getal, zonder xxx, heeft afgeleide 000.
  2. 1Noem de functie fff. Schrijf haar als f(x)=axnf(x) = ax^nf(x)=axn. Het getal voor de xxx is aaa. De macht is nnn.
  3. 2Haal de macht naar voren en vermenigvuldig met aaa. De nieuwe macht is n−1n - 1n−1, dus één lager.
  4. 3Schrijf het antwoord: f′(x)=n⋅a xn−1f'(x) = n \cdot a \, x^{n-1}f′(x)=n⋅axn−1. Werk de getallen uit tot één net antwoord.

Drie voorbeelden

  • f(x)=5x3\displaystyle f(x) = 5x^3f(x)=5x3

    1. Stap 0. Er staat één macht van xxx, met een getal ervoor. Dat is de machtsregel.
    2. Stap 1. a=5a = 5a=5 en n=3n = 3n=3, dus f(x)=5x3f(x) = 5x^3f(x)=5x3.
    3. Stap 2. De macht 333 komt naar voren. De nieuwe macht is 3−1=23 - 1 = 23−1=2.
    4. Stap 3. f′(x)=3⋅5 x2=15x2f'(x) = 3 \cdot 5 \, x^2 = 15x^2f′(x)=3⋅5x2=15x2.

    Antwoord: f′(x)=15x2\displaystyle f'(x) = 15x^2f′(x)=15x2

  • f(x)=−4x6\displaystyle f(x) = -4x^6f(x)=−4x6

    1. Stap 0. Er staat één macht van xxx, met een negatief getal ervoor. Dat is de machtsregel.
    2. Stap 1. a=−4a = -4a=−4 en n=6n = 6n=6, dus f(x)=−4x6f(x) = -4x^6f(x)=−4x6.
    3. Stap 2. De macht 666 komt naar voren. De nieuwe macht is 6−1=56 - 1 = 56−1=5. Het minteken blijft staan.
    4. Stap 3. f′(x)=6⋅(−4) x5=−24x5f'(x) = 6 \cdot (-4) \, x^5 = -24x^5f′(x)=6⋅(−4)x5=−24x5.

    Antwoord: f′(x)=−24x5\displaystyle f'(x) = -24x^5f′(x)=−24x5

  • f(x)=12x8\displaystyle f(x) = \dfrac{1}{2}x^8f(x)=21​x8

    1. Stap 0. Er staat één macht van xxx, met een breuk ervoor. Dat is de machtsregel.
    2. Stap 1. a=12a = \dfrac{1}{2}a=21​ en n=8n = 8n=8.
    3. Stap 2. De macht 888 komt naar voren. De nieuwe macht is 8−1=78 - 1 = 78−1=7.
    4. Stap 3. f′(x)=8⋅12 x7=4x7f'(x) = 8 \cdot \dfrac{1}{2} \, x^7 = 4x^7f′(x)=8⋅21​x7=4x7.

    Antwoord: f′(x)=4x7\displaystyle f'(x) = 4x^7f′(x)=4x7

Oefen dit onderwerp
Zelf oefenenWortels en negatieve machtenAlle differentieerregels